Inspiratie De plooien van het bestaan.

De plooien van het bestaan.

Tekst Els verbelen – Foto’s © VRT


ONTroerd magazine gaat in gesprek met Nancy Romanus, deelneemster van Hotel Romantiek. Enkele jaren geleden werd Nancy weduwe na een leven lang samen. De dood van haar man bracht haar in de wereld van rouw en troost. Een wereld die ze op haar manier verkent. Speelsheid en beweging zijn haar houvast. Nancy was te zien in het recentste seizoen van Hotel Romantiek, een programma waar vrijgezellen van 65+ zich openstellen voor een nieuwe liefde. Haar deelname aan Hotel Romantiek bracht haar hart opnieuw in beweging. Ook al voelde ze zich naderhand nog niet klaar voor een nieuwe relatie, de warmte werd terug voelbaar in haar hart.

Ik was elf jaar toen ik mijn man leerde kennen. Hij was twaalf jaar oud. We deden op hetzelfde moment onze plechtige communie. Een maand voor het plechtig moment moest ik naar de kapper om een permanent uit te proberen. Het was helemaal mislukt. Mijn haren gingen kort. Later vertelde mijn man dat hij verliefd was geworden op het meisje met de korte brosse. Speelsheid in de haren. Mijn man was een haantje de voorste. Ik viel daar op. De prille liefde is uitgegroeid tot een leven samen. We zijn jong getrouwd. Mijn relatie met mijn moeder was niet zo goed. Trouwen was een vlucht van huis en een thuiskomen bij mijn man. We waren jong. Soms voelt het als te jong. De fase van op verkenning gaan, experimenteren en zoeken, hebben we op een bepaalde manier overgeslagen. Het is wat het is. Maar het heeft soms wel voor moeilijke periodes gezorgd tijdens ons huwelijk. Soms leek het gras al eens groener aan de overkant. We hebben onze pijn en kwetsuren gekend. Ze zijn onvermijdelijk en liggen achter ons. Mijn man en ik hebben altijd heel goed kunnen praten. Over alles. Niets was taboe voor ons. We zijn altijd samen gebleven en kozen bewust voor elkaar.

We lieten onze liefde spreken, vermoed ik. We zagen elkaar graag ondanks de pijn die er soms was. Daarnaast was er ook het vertrouwde waar je op terugvalt. Hij was mijn steun. Op hem kon ik rekenen. Mocht hij de sterren uit de hemel kunnen plukken, hij zou het voor mij gedaan hebben. Tijdens onze laatste jaren samen, gingen we overwinteren in Spanje. We vonden er rust en genoten van een zorgeloos bestaan. We namen meer tijd voor elkaar. Op een bepaald moment is mijn man tijdens een etentje onwel geworden. Het verdict was kanker, in een vergevorderd stadium. Hoewel zijn uitslag het einde aankondigde, bestond er op dat moment voor hem niets anders dan het leven. Hoopvol ging hij de strijd aan. Met een ongekend optimisme heeft hij zijn ziekteproces gedragen. Zijn laatste weken waren weken vol zachte intimiteit. Voor hij zijn bewustzijn verloor, gooide hij me een laatste knipoog toe. Dat oogje was het laatste bewust moment met hem. Ik krijg opnieuw kippenvel als ik eraan denk. In die knipoog zat een intense verbondenheid vervat. Ik koester dat moment en roep het in me op als ik het moeilijk heb. Vanuit diepe verbondenheid heeft hij zijn laatste adem uitgeblazen. Ja, we waren diep vervlochten met elkaar. Binnen dat vervlochten zijn, leek het alsof hij even zijn eigen ruimte nodig had om het leven los te kunnen laten. Tijdens zijn ziektebed lag ik vaak dicht bij hem. Sterven deed hij in stilte. Het moment dat ik nam om te eten, was zijn moment van gaan. Dat was moeilijk.

 Er is veel dankbaarheid, naast het verdriet dat er is. We wisten dat het nakend afscheid voor de deur stond. We hebben ons op een bepaalde manier kunnen voorbereiden en dat gaf ons een zekere houvast. We gingen gesprekken over de dood niet uit de weg. Mijn man heeft zijn eigen dienst in elkaar gestoken. Ook mijn kleedje koos hij uit, rood met zwarte bloemen. Hij wou kleur op zijn afscheid. We vierden het leven met een lach en een traan. De momenten alleen thuis konden zwaar zijn. Gelukkig hadden we een hondje. Die heeft me erdoor getrokken. Hij kwam altijd op mijn schoot liggen en voelde mijn verdriet. Mijn kinderen zijn een vaste waarde. Zij waren er wanneer ik er nood aan had. Onze band is goed en warm. Meer dan een jaar heb ik met de sjaal van mijn man geslapen. Hij droeg die altijd. Zijn geur zat er in.

Je wil iets tastbaar hebben. Zijn knipoog in mijn hoofd en zijn sjaal dichtbij. Zo houd ik mijn hart warm. Vanuit die nabijheid en warmte heb ik afstand kunnen nemen van zijn spullen. Mijn man had een vaste zetel, waar hij zijn krant las. Ik kon daar niet gaan zitten. Ook in de keuken mocht er niemand op zijn stoel zitten. Het was en bleef de stoel van mijn man. In ons huis geraakte ik niet over zijn leegte heen. Om verder te gaan met mijn leven, had ik een nieuwe omgeving nodig. Ik heb het huis verkocht. Onze liefde hou ik vast doorheen de woelige veranderingen.

Op maandagochtend werk ik enkele uren samen met een collega op kantoor. We zijn beiden gepensioneerd en weduwe. Eenzaamheid komt wel eens aan bod in onze gesprekken. Het alleen zijn en het missen van een levenspartner delen we met elkaar. Gemis brengt je soms bij een pril verlangen. Mijn collega sprak me aan over Hotel Romantiek. Ze vond het echt iets voor mij en schreef me in. Ik vond het wel een prikkelend idee en zette de stap naar de selecties. Ik werd gekozen. Een bewogen avontuur.

Ik heb de kat uit de boom gekeken. Mijn eerste indruk wou ik geen leidende factor laten zijn. Die neiging durft er al eens in te sluipen. Er ligt soms een onterecht oordeel in besloten. Er schuilt zoveel schoonheid in het luisteren naar elkaar. Het kan zoveel deugd doen om je rugzakje bij iemand neer te zetten, te openen en er samen naar te kijken. Elkaar vinden in een gesprek is voor mij van grote waarde geworden. Er zijn fijne vriendschappen ontstaan in Hotel Romantiek. Jos werd mijn uitverkoren vrijgezel. Bij hem heb ik op een bepaald moment een klik gevoeld. Wij konden goed praten, hadden veel humor en een fijn knuffelgehalte. Ik voelde vlinders in mijn buik. Ik had nooit gedacht dat ik nog een vonk van verliefdheid zou voelen in mijn leven. Er hing prille liefde in de lucht. De keuze om Jos beter te willen leren kennen, bracht verwarring. Het voelde als ontrouw naar mijn man.

Ja, dat is zo. Het verlangen om elkaar beter te leren kennen, bracht veel in beweging. Je beseft op dat moment hoe vervlochten je bent met het leven dat je geleefd hebt. Een nieuwe liefde toelaten gaat niet vanzelf. Alles is nieuw en onbekend. Onze gesprekken gingen vaak over onze overleden partners. Het deed deugd om er zo open over te kunnen praten. Je wil niet dat ze vergeten worden. Iemand mogen vinden bij wie dit mag zijn, is op een bepaalde manier heel verbindend en staat naast de bereidheid om opnieuw iemand in je leven toe te laten. Jos woont in Zuid-Frankrijk. Na Hotel Romantiek ben ik hem gaan bezoeken. De vlinders waren weg. Zowel bij hem als bij mij. Misschien was de stap naar een leven samen nog te groot. Ik kon mijn leefwereld niet op zijn kop zetten. Mijn manier is, denk ik, meer om zachtjes in het leven van de ander te rollen. Mijn vertrouwde leven wil ik koesteren. Van daaruit probeer ik met een open blik in het leven te staan. Na meer dan 50 jaar samen wil ik de moed blijven vinden om mijn hart warm te houden en open te stellen voor anderen. Ik zeg ja tegen het leven, ook al weet ik niet wat er komt.


Touche.be Netwerk van Zorg & Kwaliteit